Neuroplasticiteit

Je brein is van elastiek

Ons brein is enorm flexibel: het vormt zich naar de manier waarop je het gebruikt. Zo is bijvoorbeeld de hippocampus van Londense taxichauffeurs sterker ontwikkeld dan die van buschauffeurs uit dezelfde stad. De taxichauffeurs doen namelijk een groter beroep op hun oriëntatievermogen. En wat je activeert, ontwikkelt zich steeds meer.

Lange tijd dachten wetenschappers dat hersenen niet zouden kunnen veranderen. Ze ontwikkelden zich tot ongeveer je 23e jaar en dat was het dan wel zo’n beetje. Inmiddels weten we beter. Het brein groeit letterlijk met ons mee en maakt levenslang nieuwe cellen en neurale netwerken aan. Het past zich aan ons gedrag en onze leefomstandigheden aan. Vandaar de uitdrukking: if you don’t use it, you lose it. Ofwel, als we aangeleerde vaardigheden en kennis niet blijven gebruiken, verliezen we ze uiteindelijk. Het veranderen van onze hersenen - de aanmaak van nieuwe verbindingen - heet neuroplasticiteit. Hiervan bestaan verschillende vormen. Voor het leren zijn vooral functionele en structurele neuroplasticiteit belangrijk.

Functionele plasticiteit

Functionele plasticiteit heeft betrekking op de reorganisatie van normale hersenfuncties als gevolg van oefening en leren. Naarmate je nieuwe vaardigheden vaker oefent, nemen de effectiviteit en efficiëntie toe. Bijkomend voordeel is dat ze steeds minder mentale inspanning en dus minder energie vereisen. Toch is zo’n reorganisatie eerder functioneel dan structureel van aard. Dit betekent dat er geen nieuwe verbindingen worden gevormd, maar door nieuwe vaardigheden te blijven oefenen worden bestaande neurale verbindingen versterkt.

Structurele plasticiteit

De tweede vorm van neuroplasticiteit die voor het leren van belang is staat bekend als structurele plasticiteit. Hierbij gaat het om de daadwerkelijke verandering van de hersenstructuren. Uit onderzoek onder musici blijkt bijvoorbeeld dat het motorisch gebied van de linkervingers van violisten een stuk groter is dan bij mensen die niet musiceren.

In een ander klassiek onderzoek werden de hersenen van taxichauffeurs en buschauffeurs uit Londen met elkaar vergeleken. De hippocampus van de taxichauffeurs was aanzienlijk beter ontwikkeld dan die van de buschauffeurs - die minder hoeven te navigeren. De hippocampus speelt een cruciale rol bij het geheugen en het deel hiervan dat bij de taxichauffeurs vergroot was, wordt geassocieerd met het verwerken van ruimtelijke informatie en oriëntatie.

Navigatiesystemen en smartphones kunnen ons tegenwoordig altijd vertellen waar we zijn. Het is dus minder noodzakelijk om dit soort informatie te onthouden. Het brein werkt uitermate efficiënt: wat je niet gebruikt, maakt plaats voor nieuwe verbindingen. Om een duurzaam leereffect te bereiken, moet je de verbindingen continu maar wel gedoseerd stimuleren. Vergelijk het met fysieke conditietraining. Door bewust en gestructureerd nieuwe kennis en vaardigheden te verwerven en in praktijk te brengen, kun je zelf aan het roer staan van je persoonlijke prestaties.

Om iets duurzaam te leren, moet je het brein doorlopend stimuleren!

Deel dit artikel

Wellicht ook interessant